In welke wereld ben je thuis – twee levenssferen

cropped-open-door-magic.jpg

De poort

Het grote thuiskomen is ergens onderweg gebeurd. Ergens in dit leven mocht ik voelen dat ik weer thuiskwam. Wat ik niet wist, was dat ik er altijd verbonden mee ben geweest. Ik kwam vandaag een plaatje tegen van een prachtige houten deur, een deur als een boog. De deur stond op een kier. Wat er achter de deur was kon ik niet goed zien maar er kwam een gouden gloed als een groot cadeau naar binnen vallen. Een belofte, een uitnodiging om nieuwsgierig en als een kind te gaan onderzoeken wat er achter die deur zou zijn. Een beloofd land, een plek vol liefde, waar iedereen welkom is, ik ook en jij ook. Opeens zag ik dit weer en ik herkende het. Dit plaatje is de beeltenis van mijn verlangen. Als ik me dan omkeer en met mijn rug naar die deur ga staan kan ik het, oppervlakkig gezien, weer vergeten dat deze mogelijkheid er is. Dan kijk ik naar de leegte, de levenssfeer waar we ons nog vaak in begeven. Schijnbaar zonder besef van deze deur naar een hogere en enige echte levenssfeer.

De afgescheiden levenssfeer

Vaak klooien we maar wat aan. We worden volledig bezig gehouden door aards gedoe. We denken in bezit en ‘houden van’ wordt dan ‘vasthouden aan’. Die levenssfeer; laten we het ‘dualiteit’ noemen, is een sfeer waarbinnen niks echt opgelost kan worden. Want binnen de kortste keren is er nieuw gedoe en hebben we weer een nieuw probleem gevonden. Alle vreugde in deze levenssfeer is tijdelijk, is van gisteren of wordt geprojecteerd op morgen. Het is een wereld van ‘ik’ en ‘jij’ en ook nog in die volgorde. We zijn daarin dolende zielen die de weg kwijt zijn. Alle wegen zijn een doolhof geworden omdat er geen centrum, geen kern is in deze dualiteit. Er is veel te beleven en dat is wat we ook steeds doen. Steeds opnieuw iets willen be-leven. Activiteiten worden gepland, resultaten moeten worden behaald om een bevredigend gevoel te hebben. Tot die tijd dolen we als zielen die de weg kwijt zijn in dit aardse doolhof. We leven niet echt, we be-leven. We lopen langs elkaar heen, zijn zo druk met zelf onze weg te vinden dat we niet meer stilstaan en elkaar in de ogen kijken.

De eenheid

Als je wel stil staat en de ander in de ogen kijkt is in één keer een andere levenssfeer te ontdekken. Laten we die ‘eenheid’ noemen. Dan zie ik opeens bij jou en jij bij mij, dat er een hele makkelijke weg is terug naar dat beloofde land. De deur en de gloed zijn als vleugels verbonden met de plek waar je nu bent. Je bent van goud gemaakt. Ik zie het in je ogen. We kunnen terug maar het hoeft niet. Het gouden licht spat uit je vingertoppen, uit je ogen. Waar je ook bent, ben je thuis. Ook zie je of er een ontvankelijkheid is van de ander, die, net als jij, mag zien hoe het werkelijk zit. Hoe ze ook zelf zo weer thuis kunnen komen en zo los kunnen komen van de dualiteit, de eenzame tocht, door werkelijk te kijken, stil te staan en de liefdevolle gouden gloed te voelen waarmee we verbonden zijn met die prachtige levenssfeer van eenheid.

De droom

Je kunt die twee werelden vaak ervaren. In een droom kwam ik mijn oude geliefde tegen. Ze schrok dat ze me zag. Ik kon, los van haar verwarring, de liefde voelen, los van hoe zij er in zat. En ik vroeg haar of ik haar op de wang mocht zoenen. Dat kon ze niet hebben. Ze vluchtte weg. In de droom komt er een moment waarop ze op een bank ging zitten met mij en nog een oude geliefde van haar. Ze huilt en voelt zich afgewezen. Ik doe niks, en zie hoe er een barst ontstaat in haar afweer, als een porceleinen theepot waar ook een gloed van liefde van binnenuit naar buiten komt sijpelen. Voorzichtig zag ze mij, ontdooide ze en kon ik in die energie haar weer voelen. En ook dat we in eenheid verbonden zijn en altijd van elkaar gehouden hebben. Dat was niet exclusief; er ging liefde rond tussen haar en mij, tussen haar en hem, tussen hem en mij, tussen ons drieën. De droom vertelde me ook over de verwarring in de kille wereld van de dualiteit. Een verwarring waarin we ons verlaten voelen en zo onszelf verlaten, waarin we geloven in de oppervlakte, in de matrix van afgescheidenheid.

Het verlangen

De weg naar de gouden poort is niet moeilijk en het is een groot verlangen. Ik weet één ding; in mijn diepe en onuitputtelijke verlangen naar mijn eigen thuis hoefde ik mij slechts om te draaien en te vertrouwen dat ik niet weg kan zijn van thuis maar dat het net andersom is. Ik kan niet weg van thuis want thuis zit al in mij. Jij kan ook niet weg van thuis, want thuis zit al in jou. Door dat toe te durven laten wordt het leven meer dan dragelijk. We staan liefde toe om in eenheid te mogen zijn, om dat te leven en te delen. Vooral dat laatste ook: te delen.

Het thuiskomen

En kijk maar eens goed naar de foto hieronder, naar het wonder dat de rozen ook binnen bloeien. Dat binnen, het donkere binnen, volledig verlicht wordt door die ene kier van de deur, van de poort. De poort die je uitnodigt haar helemaal te openen en de gouden gloed je te laten doorstralen. Je te laten wiegen in de warmte van de eenheid. En als je de wereld van de dualiteit instapt, weet je dat je er wel in bent maar dat jij er niet van bent. Je kunt in eenheid zijn, waar je ook bent. Welkom in jouw thuisland, jouw zomerland, jouw werkelijke levenssfeer. Wat fijn dat je er ook bent, dan kunnen we weer voelen hoe het is om onvoorwaardelijk van elkaar te houden en samen te spelen. Ga je mee? Er liggen zoveel avonturen op ons te wachten!

cropped-open-door-magic-1.jpg

Bert van Rijnberk, 16 maart 2016

Magic Box    Teksten    Foto    Video    Boeken    Terug naar MAGIC ZONE